Filosofie en kunst – 3 t/m 7 oktober 2022

Maurice Merleau-Ponty is vooral bekend geworden door zijn in 1945 verschenen boek Fenomenologie van de waarneming. Hierin analyseert hij – anders dan Martin Heidegger – het belichaamde karakter van ‘erzijn’ en benadrukt hij (contra Jean-Paul Sartre) het ‘mede-zijn’ van existentie.
Uitgaande van het belichaamde karakter van bestaan en verstaan, schrijft hij in het essay Oog en geest over schilderijen van (onder meer) Paul Cézanne. Uit zijn schilderen spreekt een lichamelijke betrokkenheid met, een belichaamd zien van de wereld.
In oktober 1907 bezoekt de dichter Rainer Maria Rilke een expositie in de Salon d’Automne van schilderijen van Paul Cézanne. We lezen een paar van zijn brieven over Cézanne, die het volgens Rilke gelukt was de werkelijkheid waar te nemen en uit te beelden zoals zij is. Vervolgens lezen we enkele in 1907 en 1908 in Parijs door Rilke geschreven nieuwe gedichten – onder meer ‘Het lied van de zee’. Samen met Jan Oegema mijmeren we over de (mogelijke) overeenkomst tussen deze gedichten en de Chinese landschapskunst. Tot slot lezen we een passage uit ‘Wozu Dichter?’ van Martin Heidegger waarin hij een gedicht van Rilke bespreekt.
Het seminar wordt gehouden in de Villa Sofia in het dorpje Gombitelli in de Toscane.

Filosofie en kunst
Gombitelli, Toscane, 3 t/m 7 oktober 2022

Meer informatie (over reis, accommodatie, programma en kosten) en inschrijving: info@janflameling.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *